Als de DGA een auto wil aanschaffen, heeft hij de keuze om dat zakelijk of privé te doen. Beide hebben zijn voor- en nadelen. Afhankelijk van de werkelijke kosten (verzekering, motorrijtuigenbelasting, brandstof, onderhoud etc., cataloguswaarde, het aantal gereden kilometers (voor het werk, woonwerk en privé), de BTW aspecten en het marginale Inkomstenbelasting/Vennootschapsbelasting tarief is de uitkomst van de berekening weer anders. Ook spelen pensioenaspecten en het uitkeren van dividend een rol bij de keuze voor de auto zakelijk of privé.
In tegenstelling tot de IB-ondernemer, is de DGA geen ondernemer voor de omzetbelasting. Dit betekent onder meer dat de privé auto van de DGA niet tot het ondernemingsvermogen voor de BTW kan worden gerekend. Zo zal de DGA niet meer in aanmerking komen voor aftrek van 75% van de omzetbelasting met betrekking tot brandstof- en onderhoudskosten. Hierdoor zal het in minder gevallen voordelig zijn een auto tot het privé-vermogen te rekenen.
In principe werkt de bijtelling hetzelfde als bij een IB-ondernemer (zie ook mijn column: Auto van de zaak en de IB-ondernemer). Echter moet u wel in de gaten houden dat het vennootschapsbelastingtarief afwijkt van het inkomstenbelastingtarief. Als de BV een vergoeding betaalt aan de DGA, wijkt het belastingvoordeel dus ook af. De vergoeding vermindert namelijk de brutowinst van de BV.
donderdag 14 januari 2010
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
Geen opmerkingen:
Een reactie posten